Interview met: Dhr A. Miltenburg, medeoprichter
P.H.D.C. De Drie Musketiers.

Door              : Frans Klarenbeek.

We spreken met Dhr. A Miltenburg, medeoprichter en voor ons gevoel de leidende en sturende man bij De drie musketiers. Hij is bovendien beheerder van onze en nog vele andere sportterreinen van onze gemeente. In dit interview mag ik hem bij zijn voornaam Arie aanspreken.

Allereerst heb ik een vraag over de club. Hoe is de club ontstaan en wanneer?
Na eerst de nodige ervaring te hebben opgedaan bij een andere club besloten we gedrieën een eigen clubje op te richten en met drie man dit avontuur aan te gaan, vandaar onze naam ‘’De drie musketiers’’.Dit gebeurde op 1 augustus 1979.

Uit hoeveel leden bestaat jullie club?
We hebben momenteel zes leden en twee aspirant-leden.

Aspirant leden?
Ja, omdat dit toch een bijzondere tak van hondensport is willen wij eerst graag weten of de aspiranten bij onze club passen. Hiermee bedoel ik te zeggen, is er de juiste instelling, voldoende inzicht en vooral respect voor het dier zelf. Bovendien stellen wij het op prijs als de personen in kwestie zich als mens ook nog op de juiste wijze manifesteren( leergierigheid en sociale bewogenheid).

Hebben jullie als club ook nog bepaalde doelstellingen?
Ja, onze doelstelling is het in de ruimste zin, op hobbygebied, omgaan met honden. Door met die honden te trainen, willen wij het beste resultaat behalen.
Hiermee bedoel ik het behalen van de diverse politiehonden certificaten. Er zijn diverse mogelijke certificaten die wij inmiddels al meerdere malen verwezenlijkt hebben, bijvoorbeeld:

PH 1   (Politie Hond 1, is basis opleiding tot politiehond)
PH 11 (Politie Hond 2, is de voorgezette opleiding)
Object bewakingshond (Is speciaal gericht op het bewaken van terreinen en gebouwen)
Reddingshond ( Het redden van mensen uit water en zoeken in en onder puin)
Speurhond Waarbij de nadruk ligt op het juiste gebruik van de neus. Ook dit is weer te onderscheiden in verschillende onderdelen, bijvoorbeeld drug en explosieve.

Hoe krijg je de hond zover om dit alles te doen en van zijn baas te willen leren?
Hierbij speelt de selectie van de hond een grote rol.

Hoe bedoel je dat?
Bij de keuze van de hond ga je uit van wat de ouders kunnen, daarom kies je meestal voor een hond waarvan de ouders al bewezen hebben dat ze het werk goed aankunnen (dit is echter geen garantie). Een belangrijke fase daarna is het eerste levensjaar van de hond. Je kijkt vanaf pup naar het gedrag van de hond; hoe ontplooit hij zich qua gedrag, toont hij moed (is hij onbevangen), is hij leergierig en heeft hij de will to please ofwel wil hij zijn baas graag plezieren.
Daarnaast moet hij ook nog karakter genoeg hebben om dingen zelf op te lossen. De meeste mensen zien vaak het wat meer ruige werk (het bijten), maar de hond moet nog zoveel meer kwaliteiten hebben om aan de eisen te voldoen.

Is bijten de hoofdzaak?
Nee zeker niet. Als de hond erg bijtgraag is en verder geen van de oefeningen goed wil doen, dan zal een certificaat niet haalbaar zijn.
Minstens zo belangrijk zijn zijn zoek- en speurwerk en zijn atletisch vermogen.

Kun je wat dingen noemen die de hond moet kunnen om aan de eisen van een certificaat te voldoen?
Het revieren; de hond moet over 100 meter op geur een persoon opzoeken in een bos en vervolgens door te blaffen aangeven waar die persoon zich bevindt. Ditzelfde moet de hond kunnen op een groot voorwerp. Daarnaast moet hij drie kleine voorwerpen zoeken in een zoekveld van 15 x 15 meter (bijv,;patroon,sleutel,knoop).

Al het bovengenoemde heeft te maken met het juiste gebruik van zijn neus. Als we het over het atletische vermogen van de hond hebben, dan noem ik een schutting van +/- 1.80 meter die hij moet kunnen springen. En als het dan toch op het bijtwerk moet aankomen, dan is het essentieel dat er Eén cruciale oefening goed gaat.

En dat is…….?
De aanval over een grote afstand van een man die zich met een stok mag verweren (in vaktaal ’de stokslag’ )

Kan iedere hond dit aan?
In het kort; nee. Hier komt de geestelijke en lichamelijke hardheid van de hond naar boven, met daarbij de nodige moed en agressie die de hond in aanleg heeft meegekregen.
Agressie?
Ja, dit zal velen afschrikken, maar het gaat hier natuurlijk om beheersbare agressie. Een goede begeleider is in staat zijn hond te leren dat hij zich in extreme situaties toch kan beheersen. Daarom is het zo belangrijk dat de juiste persoon met de juiste ervaring aan het touwtje (de Riem) staat.

Kan je dan ook nog een normale relatie met zo’n hond hebben?
Natuurlijk is het belangrijkst, zoals ik al eerder in dit interview aanhaalde, dat de sociale verhoudingen tussen baas en hond goed zijn. Ik heb drie kinderen en daarbij kleinkinderen, het mag voor hen geen enkele hinder zijn dat ik deze hobby heb.

Verbind jij zelf voorwaarden aan het op een goede manier trainen van je hond?
Een voorwaarde om naar eer en geweten je hond te trainen is voor mij dat je na verloop van tijd door ervaring inzicht krijgt in de manier waarop een hond reageert en zich gedraagt. Als je dat inzicht hebt, kun je op vele situaties inspelen en anticiperen (vooruit zien), wij als mens kunnen dat. Een hond reageert op prikkels van het moment (belonen of straffen indien nodig moeten dus op het juiste moment). Dat betekent dat een goede timing belangrijk is, en het juiste gevoel voor je hond (Als hij dit zegt, komt het vurige enthousiasme in hem naar boven, dat zie ik en hoor ik aan zijn stem).

Kun je wat betreft het trainen of opleiden nog een bijzonder moment of verhaal vertelen?
Mijn hond moest leren een voorwerp te bewaken. Als helper (pakwerker) het voorwerp proberen weg te nemen moest de hond hem bijten om dit te voorkomen (dit voorwerp mag van alles zijn, bijvoorbeeld een tas, een jas enz.). De hond ligt tijdens het bewaken op of bij het voorwerp en moet nadat hij de pakwerker gebeten heeft hier uit zichzelf weer op terug keren en weer tot bewaken overgaan. Voor mijn hond in die tijd was de bewakingsdrift op een dergelijk voorwerp niet zo hoog. Kort gezegd: hij had er geen band mee. Maanden heb ik toen geoefend en gepiekerd om het bewaken erin te krijgen maar niets werkte. En dan komt het denkwerk eraan te pas. Deze hond was stapelgek op mijn vrouw en gaf de indruk dat hij haar altijd zou beschermen. Dus mijn conclusie was: als ik hem net zo beschermingsgezind op het voorwerp kan krijgen als op mijn vrouw dan heb ik de oefening voor elkaar. Toen heb ik aan mijn vrouw een oud kledingstuk gevraagd en gezegd dat ze het niet mocht wassen en heb dit als bewakingsvoorwerp gebruikt. Het gevolg was dat als de pakwerker het wilde pakken, de hond inbeet en hem bij het voorwerp wegrok en dan weer vol bewakend op het voorwerp ging liggen. Zo zie je maar dat fantasie en het juiste denkwerk je ver kan brengen.
Zou je de lezer aan het eind van dit interview nog een boodschap mee willen geven?
Bodschap vind ik een groot woord maar wel een wijze raad. Haal uit je hond wat er in zit, en benut juist zijn of haar kwaliteiten. Blijf positief want of het nou een Yorkshire is of een Mechelaar het blijven dieren die net als ij ook wel eens hun dag niet hebben. Mijn devies; je kunt het er wil in strelen maar niet in slaan.
Dit betekent echter niet dat de verhoudingen niet duidelijk moeten zijn; indien nodig mag je best eens bestraffend optreden. Maar dan nog steeds met respect voor het dier.

Heb je nu alles gezegd of………..
Nee, nog Eén ding, ook ik leer na 28 jaar actieve hondensport nog steeds, dus….. houd je oren en ogen open en kweek hiermee bagage voor de toekomst.

 

<<< TERUG >>> <<< TOP >>>